Rolstoeldansen: ballroom
In 1924 nam de Imperial Society of Teachers of Dancing (ISTD) het initiatief om de dansen te standaardiseren. Een afdeling van het ISTD, het ballroom comité werd hiermee belast. Dit bestond uit allemaal 'grote dansers' uit die tijd. Alle toen bekende dansen werden gestandaardiseerd, echter zonder de Weense wals, want daar was men in die tijd in Engeland niet zo van gecharmeerd. De Engelse wals was de enige echte. Later is de Weense wals toch nog aan het rijtje van moderne dansen toegevoegd. Voor alle ballroom dansen geldt dat het progressieve dansen zijn. De paren maken volledig gebruik van de dansvloer. Tijdens het dansen ligt het accent op de eerste maat (en ook op de derde bij Tango, Slow foxtrot en quickstep).
Engelse wals
De golvende beweging van de Engelse Wals is om op weg te zweven.
Dit is ook meestal de eerste dans die bij wedstrijden wordt
gedanst. Op wedstrijden duurt de Engelse Wals ca. 1,5 - 2
minuten en is de officiële snelheid van deze dans vast gesteld
op 30bpm.
De Engelse wals is een dans met zachte ronde bewegingen. Welke
door het op het juiste moment van rijzen en dalen ontstaan. Hoe
leg je uit welke uitstraling bij de Engelse wals hoort ......
Een melancholiek romantische sfeer met veel maanlicht en
rozengeur. Dus laat je tijdens deze dans maar weg zweven op de
muziek en probeer jezelf voor te stellen in de meest romantische
omgeving die je je maar kan voorstellen. De voorloper van de
Engelse wals was de Boston, die reeds in 1874 uit Amerika werd
ingevoerd. Deze dans vond echter pas vanaf 1922 zijn verbreiding
als modedans (naast de Tango). Het vreemde van de Boston was dat
het paar naast elkaar stond en niet in danshouding zoals wij nu
gewend zijn. Direct na de Eerste Wereldoorlog kwam er meer vorm
in de Engelse wals. In 1921 werd besloten dat het basisfiguur
van de Engelse wals zou zijn: stap, stap, sluit. In 1926/1927
kwam er een aanmerkelijke verbetering in de Engelse wals; de
basis werd verandert in stap, zijwaarts, sluit. Door deze
basisverandering was men in staat meerdere variaties te dansen
die gestandaardiseerd werden door de Imperial Society of
Teachers of Dancing (ISTD). Vele van deze variaties worden nog
steeds gedanst.
Tango
De Tango is de enige ballroom dans die niet uit Europa komt en
heeft daarom een totaal andere uitstraling als de overige
dansen. Op wedstrijden duurt de tango ca. 1,5 - 2 minuten en is
de officiële snelheid van deze dans vast gesteld op 33bpm.
De duidelijke verschillen tussen de slows en quicks, de
onverwachte lijnen en het vooral niet rijzen en dalen zijn
karakteristiek voor de tango. De Tango vereist van de dansers
enige arrogantie in hun houding en uitstraling. Deze uitstraling
moet natuurlijk lijken en niet verkrampt. Dit is geen eenvoudige
opgave en vereist zeer veel oefening. De figuren die je danst
bepalen gedeeltelijk je uitstraling. Ook de danshouding
verschilt lichtelijk van de andere ballroomdansen. Bij de Tango
staat de dame nog meer rechts van de heer (voor de dames links)
en de heer staat door zijn rechterheup en de dame door haar
linkerheup heen. Dit zorgt ervoor dat het rijzen en dalen
voorkomen kan worden. In de Tango is het dan ook niet mogelijk
om met gesloten voeten te staan.
De Tango komt uit Zuid-Amerika en wel in hoofdzaak uit
Argentinië, waar de dans als eerste gedanst werd in "Barria de
Las Ranas", de ordinairste wijk van Buenos Aires. De naam was
toen "Baile con corte" hetgeen betekent: "dans met een rust". De
"dandy's" van Buenos Aires veranderde de dans op twee manieren.
Ten eerste werd het zogenaamde "polkaritme" veranderd in het
"Habanera-ritme" en ten tweede noemde men de dans "Tango". Reeds
in 1900 werd door verschillende amateurs,echter zonder succes,
geprobeerd de Argentijnse dans in Parijs te introduceren. De
Parijse dansleraar Robert heeft er veel toe bijgedragen de Tango
populair te doen worden. Het pad van de Tango is echter niet
over rozen gegaan, er waren vele tegenstanders maar ook
voorstanders van deze dans. Vooral de Franse bisschoppen waren
tegen de dans. Ze wezen op de verleidelijke en zwoele natuur van
de Tango en zij die haar dansten liepen gevaar met de
sacramenten.
Slow Foxtrot
Over de slow foxtrot wordt ook wel gezegd als je deze dans goed
kan dansen kan je de overige ballroom dansen ook dansen.
Op wedstrijden duurt de Slow Foxtrot ca. 1,5 - 2 minuten en is
de officiële snelheid van deze dans vast gesteld op 30bpm.
De Slow Foxtrot is een elegante en gracieuze dans. Met als
kenmerk dat bij de body swings het lichaam eerst komt en niet
zoals normaal de voeten eerst komen. De slow foxtrot is bij de
meeste dansers niet de favoriete dans. Voor de Slow Foxtrot is
een goede techniek bijna een vereiste. Dit komt omdat deze dans
vraagt dat je veel controle hebt over je bewegingen op de
langzame maat van de muziek. Het rijzen en dalen staat ook bij
deze dans centraal en draagt in hoge mate bij aan de elegantie
van deze dans. De slow foxtrot moet je voelen en met de juiste
techniek ten uitvoer brengen. Bij de Slow foxtrot dans je van de
ene kant naar de andere kant van je lichaam (je strekt de
zijkant van je lichaam helemaal op, niet alleen je arm op
tillen), hierdoor krijg je de glooiende beweging van deze dans.
Wat vooral belangrijk is bij de slow foxtrot is dat je als paar
één bent.
De Slow-Foxtrot is een dans die ruim voor de Engelse wals zijn
ontstaan heeft gevonden. De dans bestaat uit vele variaties die
later al dan niet aangepast zijn opgenomen in de Engelse wals.
De dans is een van de natuurlijkste dansen waaraan de juryleden
goed kunnen zien of een paar goed kan dansen. De bewegingen van
de dans zijn natuurlijk en getrouw aan de normale gang. Aan het
einde van de eerste Wereldoorlog bestond de (slow)foxtrot in
hoofdzaak uit: walks, three-steps, een langzame walk en een
soort spinturn. Aan het eind van 1918 ontstond de wave, toen nog
bekend onder de naam "the jazzrol". De Amerikaan Morgan
introduceerde in 1919 een soort open spinturn, de "Morgan-turn".
In 1920 danste Miss Josephine Bradley met Mr. G.K. Anderson. Een
danser met veel natuurlijke aanleg aan wie we ontzettend veel
(slow)foxtrot figuren te danken hebben. Door het imiteren van
deze goede dansers ontstonden eigenlijk per ongeluk de
"feather-step" en "the change of direction". Twee figuren welke
eigenlijk niet meer weg te denken zijn uit de huidige
slow-foxtrot. Het aaneen dansen van de verschillende stappen
dateert uit 1922. Het maken van "heelturns" was toen nog niet
bekend. Het was de heer Frank Ford, winnaar van de
"sterkampioenschappen", die diverse "nieuwe" figuren
introduceerde die ook nu nog steeds gedanst worden.
Weense wals
De Weense wals beschikt niet over veel figuren en is een zeer
oude dans, maar hij wordt nog steeds gedanst tijdens
wedstrijden.
Op wedstrijden duurt de Weense wals ca. 1 - 1,5 minuut en is de
officiële snelheid van deze dans vast gesteld op 60bpm. Bij deze
dans denkt men vaak aan vergane tijden, aan het Engelse en
Oostenrijkse hof en echte balzalen. En natuurlijk niet te
vergeten de Sissi jurken. De weense wals is een zeer
inspannende dans waarbij er enkel links en rechtsom gedraaid
wordt met als onderbreking de fleckerls (snelle draai op de
plaats) met een check. Om duizeligheid te voorkomen kan je een
vast punt in de zaal nemen waar je je op richt. Ook bij deze
dans is het strekken van je kanten (je zij en ook hier weer
zonder je armen op te tillen) erg belangrijk. Daarnaast is het
zaak je passen goed aan elkaar aan te passen zodat je tijdens
het dansen niet je partner uit balans haalt.
Men kan tot de 12e en 13e eeuw terug gaan om in de Nachtanz in
3/4 maat, het begin van de wals te zien. De wals die
oorspronkelijk van Duitse afkomst is, komt uit Beieren en werd
toen de "Duitse" genoemd. Toch zijn de meningen over de
oorsprong van de wals zeer verdeeld. Volgens een artikel in het
Parijse blad "La Patire" (het vaderland) van 17 januari 1882,
zou de wals voor het eerst op 9 november 1178 in Parijs gedanst
zijn. Wel niet onder onder de naam Wals maar onder de naam Volta
welke stamt uit de Provence. Vermoedelijk is dit een dans in 3/4
maat geweest welke de Fransen als voorloper van de Wals
beschouwen. De eerste walsmelodie dateert uit 1770. In 1775 werd
de wals in Parijs geïntroduceerd, maar het duurde nog geruime
tijd eer deze dans overal gedanst werd. Zo schreef in 1813 Byron
nog tegen de Wals, al zijnde onkuis. Maar in 1816 werd de Wals
ook in Engeland geaccepteerd. Dat men nog niet overal de strijd
tegen de Wals had opgegeven bleek uit het boek over de goede
manieren van Mevrouw Celbart, dat in 1833 verscheen. Volgens
haar was het voor de gehuwde dames toegestaan deze dans uit te
voeren, maar zij noemde de dans "a dance of too loose character
for maidens to perform".
Quickstep
De vrolijkste dans van de ballroomdansen.
Op wedstrijden duurt de Quickstep ca. 1,5 - 2 minuten en is de
officiële snelheid van deze dans vast gesteld op 50bpm.
Snelheid, bewegen en draaien staan centraal in de Quickstep. De quickstep is de enige ballroom dans waarbij beide voeten
tegelijkertijd los komen van de vloer. Letterlijk dus voetjes
van de vloer. Heerlijk ontspannen samen over de vloer schieten.
Blij en vrolijk dat is de quickstep. Natuurlijk vraagt het veel
oefening om samen precies gelijk los te komen van de dansvloer,
maar het is niet de bedoeling dat het publiek dit merkt. Het
publiek moet denken: "kijk eens hoe heerlijk dat paar over de
vloer zweeft, alsof het natuurlijk is". Probeer wel een
duidelijk verschil te dansen in je slows en quicks. Hierdoor
krijgt men het idee dat je je nog beter over de vloer beweegt.
In de jaren twintig speelden veel bands de (slow)foxtrot veel te
snel. Er werd veel over geklaagd. Zelfs diverse bekende kranten
en bladen schreven hier over. Man sprak in die tijd dan ook over
een "quick-time-foxtrot". De Charleston had dan ook veel invloed
op deze dans. Uiteindelijk bleef de snelle versie bestaan onder
de naam die we nu allemaal kennen: Quickstep